Met biomechanica en vlinders in mijn buik naar de achtste

Tien jaar geleden zei iemand tegen mij:
“Een grote geest is mooi. Maar je moet wel een tempel hebben waar die in kan wonen.”

Die woorden komen de laatste tijd terug. Vroeger negeerde ik dat. Nu laat ik ze door me heen gaan. En ik stel mezelf rustig de vraag: “Moet ik daar wat mee?”

Het tintelt. Er zit iets dat ontdekt wil worden. Is dit een vorm van intelligentie?

De achtste
Het eerste dat ik doe is het boek ‘De achtste eigenschap’ van Stephen Covey uit de kast trekken. Ik herinner me dat ik daar voor het eerst iets over ‘fysieke intelligentie’ (FQ) had gelezen. Lang geleden.

Covey’s eerdere boek ‘Zeven eigenschappen van effectief leiderschap’ ging over ‘hoe’ je effectiever kan worden. ‘De achtste eigenschap’ gaat over het aanboren van je verborgen potentieel. Het ‘waarom’ van effectiviteit.

Eigen stem
De achtste eigenschap omschrijft Covey als volgt:
”Ontdek je eigen stem. Draag deze uit. En help anderen hun eigen stem ontdekken en uit te dragen. Dit brengt het beste in jezelf naar boven. Zo krijg je de meeste creativiteit, kracht en resultaten. Dit geldt voor mensen persoonlijk maar ook voor organisaties.”

Van compleet mens…
Naast IQ, EQ (emotionele intelligentie) en FQ, haalt Covey eveneens SQ (spirituele intelligentie) aan. Hoofd, hart, lichaam èn ziel maken je pas een compleet mens. Die vier intelligenties met elkaar verbinden is de achtste eigenschap.

…naar leiderschap
Diezelfde ontwikkeling zien we bij leidinggeven in organisaties. Stuurden managers eerst nog alleen maar op kwaliteit. En controleerden ze vooral (IQ). Met empowerment van hun mensen, kwam daar motiveren bij (EQ).

Afbeelding 3

In de nieuwe maatschappij willen klanten en medewerkers zich ook kunnen identificeren met een bedrijf. Je bestaansrecht moet duidelijk zijn (FQ). En mensen willen dat je, als geheel, moreel juist handelt. Dat klinkt soft, maar dit is het geheel van reflectie en metastandpunten. Een publieke verontwaardiging krijgt tegenwoordig iedere CEO op de knieën (SQ). Die vier niveaus integreren, heet leiderschap.

Fysieke intelligentie: oorzaak of gevolg?
Dat FQ intrigeert me. Ben je nou fysiek intelligent omdat je verstandig eet, beweegt en rust (oorzaak)? Of word je fysiek intelligent als je jezelf in acht neemt (gevolg)? Ik denk beide. Alles werkt op elkaar in. Het is circulair. Het is maar net waar je op die cirkel staat.

Je kunt beter denken als je gezond eet. En je bent emotioneel evenwichtiger als je regelmatig beweegt en genoeg ontspant (oorzaak). Zit je goed in je vel, dan pikt je lichaam bepaalde signalen in de interactie met anderen op: vlinders in je buik of rillingen over je rug (gevolg).

En FQ in organisaties?
Daar werkt het net zo. Je hebt een missie. En dan zorg je ervoor dat die missie doorklinkt in je cultuur en ‘organisational design’.

Maar ook in de faciliteiten. Vraag maar eens aan een klant: “Hoe vind je de sfeer in ons bedrijf?” Of aan een collega: “Hoe ervaar je de entree van ons gebouw of de kantine?”

CUE en DEC
Deze non-verbale communicatie wordt nog onvoldoende in ‘organisational design’ meegenomen. Er zijn al bedrijven die op directieniveau Chief User Experience of Design Executive Officer hebben (Google). Deze rollen gaan het merk van een bedrijf, hun producten, de interactie en zelfs externe systemen met elkaar verbinden.

Als de wind onder zo’n design komt, komt er een flow op gang. Dan komt het punt op de horizon rap dichterbij. En kunnen de bakens worden verzet.

Waar huist FQ nog meer?
Covey geeft mij toch geen bevredigend antwoord wat FQ is. Ik ga op zoek naar andere voorbeelden. De meest pure vorm van FQ die ik ben tegengekomen is ‘fysiek acteren’. Ik ben bij een improvisatieles van Maarten en Sus geweest voor amateur toneelspelers.

Dat ging als volgt: de spelers kregen een plot van twee regels. Bijvoorbeeld: twee broers gaan kamperen. Aan het eind doodt de een de ander. Tien minuten om dat uit te beelden. En gedurende de tien minuten aanwijzingen om iets te doen.
“Blijf in je woede hangen.”
“Geef hem geen gelijk.”
“De stilte is je vriend.”

Afbeelding 1

Kleine gebaren, grote emotionele betekenis
In deze les voelde ik hoe weinig bewust ik mijn lichaam gebruik. Hun dynamiek zorgde ervoor dat zij zichzelf letterlijk uit hun evenwicht bewegen. Door niet stevig op twee voeten te staan, maar licht voorover hellend of op één been. Daardoor krijgt een dialoog al snel iets van een wisselend spel van aanval en verdediging.

Bewegingen met ogen hebben ook een groot effect. Wie van de twee laat ruimte om blikken te wisselen of juist niet.

Theater of gluren bij de buren?
De vraag die fysieke acteurs zichzelf stellen is:
“Wat maakt een scène spannend? En wat is het verschil met theater en bij de buren naar binnen kijken?”

Volgens Katja Westra toveren zij met spiercontractie. Dat werkt in het hele lichaam door. Zet je een speler met zijn rug tegen de muur? En zijn knieën in een bocht van negentig graden? Dan komen de emoties vanzelf in zijn stem. Dat heeft ook direct invloed op zijn ademhaling. En krijgt de tekst lading. Dan voel je het als publiek: drama…

Uitvergroten èn verkleinen
Ik zeg niet dat we op ons werk onze emoties altijd moeten laten natrillen. Theatraal hoort in het theater. Maar ik ken helaas veel pratende hoofden. Waar geen enkele betrokkenheid of emotie van af te lezen is. Daar hangt het lijf als een houten Klaas of Klazien onder.

Die zouden best een shotje FQ kunnen gebruiken.

Bijna vervreemdend
Zo zag ik eergisteren de burgemeester van Haaksbergen op het NOS Journaal. Hij gaf zijn commentaar op het onderzoeksrapport naar de vergunning voor de monstertruck:

“Wij hebben, net als andere Nederlandse gemeenten, het ingevuld volgens de mandaatregeling. Dat betekent afstand tot het vergunningsproces. Daarvan moet je nu zeggen: met de kennis van nu is dat niet de goede werkwijze. De veiligheid staat niet centraal genoeg. Als burgemeester en bestuurder ben je onvoldoende betrokken. Dat is de belangrijkste boodschap van de Onderzoeksraad: Pas dat werkproces aan.”

Hij zei niets geks. Maar… ik geloof niet wat de man zegt. Zijn lichaamstaal zegt: “De fout zat in het werkproces. Ik kon er niets aan doen.” Zijn aandacht is niet bij zijn eigen rol als bestuurder. Daardoor verliest hij de verbinding met mij.

Afbeelding 2

Andere voorbeelden?
Hebben jullie nog andere voorbeelden van pratende hoofden en houten Klazen of Klazienen? Ik ga graag met ze voor je in gesprek om ze op een ander been te zetten. Of geef ik ze over aan Maarten en Sus voor een improvisatie.

Gesnapt…
Ik betrapte mezelf vanmorgen nog. Ik zat in dubio of ik naar mijn sportles zou gaan. Of dat ik mijn blog ging afmaken. Ik ben gegaan, hoor! Anders zou ik FQ niet meer in mijn mond durven nemen. En mijn blog afronden ging als een tierelier. Het is dus echt waar…

Britta Bouma – Hidden Values